Luchtberekeningen voor klepramen
Naar rekenblad
Met deze berekening kan worden bepaald hoeveel lucht er door een klepraam komt. Deze berekening rekent de luchtstroom door de (driehoekige) openingen aan de zijkanten van het klepraam mee.
Op niet-geluidsbelaste locaties is een klepraam -mits deze vastgezet kan worden op een flink aantal standen (traploos)- toepasbaar als ventilatie-toevoervoorziening. In de berekening wordt uitgegaan van een luchtsnelheid van 0,833 m/s.
Feitelijk moet de capaciteit van een voorziening in een laboratorium zijn bepaald bij een drukverschil van 1 Pa. De berekening in het rekenhulpje is gebaseerd op een aanname voor de luchtsnelheid door het klepraam. In NEN 1087 is na te lezen wat de verschillende snelheden zijn, zoals deze zijn voor verschillende situaties. Het gaat hier onder andere om de onderlinge ligging tussen toe- en afvoervoorzieningen.
type raam
Kies hier de dikte van het eventuele kozijn van het draaiende deel. Een hardglazen raam heeft geen kozijn. Tot 20 mm zal alleen kunnen bij kleine enkel glazen ramen. De meeste klepramen vallen in de laatste categorie.
hoogte en breedte van het raam
Hier vult u de werkelijke afmetingen in van het volledige raam, ofwel de afmetingen van de raamopening.
Gewenste doorlaat / Gewenste uitzetmaat
Wilt u weten hoever het klepraam open moet staan voor de opgegeven doorlaat, kies dan 'Gewenste doorlaat' en vul het gewenste aantal l/s in.
Het resultaat van de berekening is dan de uitzetmaat van dit raam in [m].
Wilt u weten hoeveel doorlaat (l/s) dit klepraam heeft met de opgegeven uitzetmaat, kies dan 'Gewenste uitzetmaat' en vul de gewenste uitzetmaat in [m] in. Het resultaat van de berekening is dan het aantal l/s dat door dit raam binnen komt.
Luchtberekeningen voor kieren
Naar rekenblad
Dit rekenhulpje bepaald de hoeveelheid (l/s) lucht die met een opgegeven luchtsnelheid (m/s) door een kier of spleet met een bepaald oppervlak stroomt.
Vul hiervoor de gekozen luchtsnelheid in. Voor veel situaties is dit 2,5 m/s. Meer informatie hierover is te vinden in de NEN 1087 §5.3. Vul verder lengte [cm] en breedte [cm] in van de netto doorlaat.
- Bestaat de kier of spleet uit meerdere openingen, tel dan de hoeveelheden van alle openingen op.
- Loopt de luchtstroom achtereenvolgens door meerdere spleten, bepaal dan de doorlaat van de kleinste opening. Deze bepaald de uiteindelijke hoeveelheid.
- Wordt een kier of spleet afgedekt met insectengaas, houdt er dan rekening mee dat de capaciteit aanmerkelijk terug loopt (tot wel 50 % afhankelijk van het type gaas).
|